Copy
Nieuwsbrief Jaargang 20 Nr. 3

 

Nieuwsbrief van de stichting de club van tien miljoen


Nummer 3 van 2014

Geachte donateur/belangstellende,

Politieagenten kijken even de andere kant op als ze geen trek hebben om in te grijpen. Oost-Indisch doof ben je als je doet alsof je iets onwelgevalligs niet hoort. In het Amerikaanse strafrecht is sprake van ‘opzettelijke blindheid’ als je willens en wetens informatie negeert en daardoor een strafbare feit begaat. Denk aan een bankdirecteur en de Liborrente of aan een kerkleider en een jongensinternaat.

In 1977 schrijft de staatscommissie Muntendam dat de natuurlijke bevolkingsgroei in Nederland zo spoedig mogelijk moet worden beëindigd, dat immigratie moet worden afgeremd en emigratie gestimuleerd. In 1979 laat de regering koningin Juliana in de troonrede verkondigen: 'Nederland is vol, ten dele overvol'. Maar nieuwe kabinetten kijken de andere kant op en creëren door gezinshereniging en asielbeleid een voortdurende immigratiegolf.

Vanaf het begin van het nieuwe millennium liggen er rapporten van het Wereld Natuur Fonds en het Global Footprint Network. Het is evident dat Nederland op veel te grote ecologische voet leeft en voor zijn behoeften en door zijn vervuiling een aanslag pleegt op de rest van de wereld. Vrijwel alle politieke partijen gaan echter voor economische groei, dus voor toenemende consumptie en uitputting van de aarde. Meer banen. Meer geld. Meer stemmen. Regering en kamer zijn ’opzettelijk blind’.

20 november 2013. De Stichting Urgenda dagvaardt de Staat omdat deze niet genoeg doet aan de reductie van CO2-emissies en daarmee aan atmosferische vervuiling. We blazen de man elk jaar nog steeds 12 ton koolstofgas de lucht in. Nederland is verslaafd aan fossiele energie. Zonder deze geen economische groei. Meer banen. Meer geld. Meer opwarming van de aarde. Regering en kamer zijn willfully blind. Een mazzel voor onze politici dat ze niet in Amerika leven.

Hoe minder mensen, des te minder overconsumptie en vervuiling. Lees in het volgende artikel hoe we dat kunnen bereiken. (Jan van Weeren)

Verstedelijking bedreigt de mensheid
We herhalen het nog maar een keer, omdat het ons in het dichtbevolkte Nederland onmiddellijk raakt. Verstedelijking is een vluchtweg voor overbevolking. Als het platteland geen bestaan meer kan bieden door een teveel aan mensen, trekken deze naar de stad. In 2050 zal meer dan 60 % van de wereldbevolking in steden leven, dat zijn meer dan 6 miljard mensen.
Steden vormen een efficiënte manier om mensen te huisvesten. Je kunt ze stapelen in woontorens of samendrijven in volgebouwde woonwijken of slums, die relatief weinig bodemoppervlak vragen. Goederen en diensten kunnen in één keer bij heel veel mensen worden afgeleverd. Riolering en vuilnisafvoer zijn in principe goed te beheren. Texas zou de hele wereldbevolking kunnen huisvesten, als die staat net zo dichtbebouwd zou zijn als New York City. Er zijn momenteel meer dan 400 megasteden met elk meer dan 10 miljoen inwoners.

Een belangrijke vraag is: hoe komen die steden aan voedsel voor hun talrijke inwoners? Japan importeerde in 2005 de graanopbrengst van 600.000 hectare landbouwgrond uit het buitenland, enkel en alleen voor de regio Tokyo. Maar ook een stad als Kopenhagen – een stukje kleiner dan Rotterdam - haalt meer dan de helft van zijn voedselproducten niet uit het eigen achterland.
Hoe is het in Nederland – zeker in het westen een sterk verstedelijkt gebied? Vorig jaar voerden we voor 79 miljard aan groenten, fruit, bloemen, zuivel, eieren en vlees uit, maar ook voor 53 miljard in: melkpoeder, vlees, granen en graanproducten. Onze zuivelproductie drijft op de import van soja. Na China zijn we de grootste importeur van soja ter wereld. Voor de kassen verstoken we tig kuub aardgas. Onze land- en tuinbouw vreet fosfaat. Voor voedselproductie, -transport en -distributie zijn we volledig afhankelijk van fossiele brandstoffen.

Op het moment dat die goederenstromen door schaarste stagneren (bijvoorbeeld door misoogsten als gevolg van klimaatverandering, economische sancties of boycotacties), zijn verstedelijkte gebieden niet meer in staat om voor zichzelf te zorgen en dreigen ernstige voedseltekorten. Wat moeten stedelingen als de schappen van de buurtsuper leegraken? We hebben het voorbeeld van New Orleans waar binnen een week na de orkaan Katrina een totale chaos ontstond, en dichter bij huis maar langer geleden: de hongerwinter.

Om iedereen in Nederland en zeker de mensen in de grote steden onafhankelijk van mondiale ontwikkelingen duurzaam van voedsel te voorzien, moet de bevolking in aantal drastisch terug. Onze ecologische voetafdruk - waarbij we niet eens rekening houden met onze CO2-uitstoot – staat slechts een bevolking van 5 miljoen mensen toe. Mét de huidige CO2-uitstoot van 12,7 ton per inwoner per jaar kan slechts aan 3 miljoen mensen in Nederland een duurzaam bestaan geboden worden.

Ook als je verder denkt dan de eigen landsgrenzen en de zaak in Europees verband bekijkt, is de conclusie dat Europa zwaar overbevolkt is. De Europese Unie is voor meer dan de helft van haar behoeften afhankelijk van andere landen, dat wil zeggen dat de consumptie en de vervuiling door haar inwoners een landoppervlak vergen dat twee keer zo groot is. Op de beschikbare grond kunnen 236 miljoen mensen duurzaam leven. Er wonen echter een half miljard mensen in de EU, zodat iedere tweede Europeaan op de rest van de wereld parasiteert. Voor voedselzekerheid en een duurzaam bestaan is in de Unie en zeker in landen als België en Nederland een drastische bevolkingskrimp geboden.

Zijn er geen oplossingen voor het probleem van verstedelijking en overbevolking? Jazeker. Niet op korte termijn, maar het beleidsperspectief is duidelijk:

  1. Bevorder de emigratie. Europa was tot halverwege de vorige eeuw een emigratieregio. Hoogopgeleide emigranten kunnen de voedsel- en watervoorziening in andere gebieden verbeteren. Stimuleer de remigratie van bevolkingsgroepen met een van oorsprong niet-Nederlandse achtergrond, bijvoorbeeld om in het land van herkomst de oude dag door te brengen of om een vak uit te oefenen.
  2. Neem geen immigranten meer op. Gegeven de heersende situatie van overbevolking in Nederland en Europa is iedere immigrant er een te veel. Draag bij aan de opvang van vluchtelingen in een veilig deel van de eigen regio, maar neem hen niet meer op binnen de Europese grenzen. Sta geen vestiging van adoptiekinderen of partners uit het buitenland meer toe. Arbeidsmigratie uit andere EU-landen is alleen mogelijk op basis van uitwisseling van gelijke aantallen.
  3. Staak de financiële ondersteuning voor het verwekken, krijgen en grootbrengen van kinderen. Geen vergoeding voor vruchtbaarheidsbehandelingen, geen subsidiëring van kinderopvang of kinderbijslag voor nieuwgeborenen. De overheid moet bevolkingsaanwas onder de huidige omstandigheden niet door financiële prikkels willen stimuleren.
  4. Vergrijzing zorgt voor bevolkingsdruk. Richt de gezondheidszorg niet op levensverlenging, die te vaak samengaat met afhankelijkheid, gebrek aan zelfbeschikking en verlies van decorum, maar op behoud van zelfstandigheid. We moeten ouderen niet langer dwingen om coûte que coûte door te leven en we moeten dit voor ons zelf ook niet willen. Er is een omslag in ons denken nodig.
  5. Bevorder stadslandbouw en duurzame landbouw en veeteelt. Geen import of export van voedselproducten. Revitaliseer krimpgemeenten tot zelfvoorzienende gemeenschappen.
  6. Accepteer een krimpeconomie. Vervang het recht op werk en inkomen en de sollicitatieplicht door een recht op voedsel, behuizing, kleding en recreatie, naast de plicht tot tegenprestatie naar vermogen. Op dit moment zijn er te weinig banen voor veel te veel mensen. Streven naar economische groei versnelt de uitputting en vervuiling van de aarde en vormt op den duur een heilloze weg.

Ongelijkheid
Ze lijden zelf het meest onder hun bevolkingsdruk. Ze leven onder de armoedegrens. Wat ze verdienen, gaat geheel op aan voedsel. Door het drinken van vervuild water en chronische ondervoeding worden ze ziek. Ze vechten bloedige conflicten uit om de schaarse middelen van bestaan of slaan met honderdduizenden op de vlucht.

Maar zij belasten de aarde niet. Zij blazen geen tonnen CO2 in de atmosfeer. Zij vissen de oceanen niet leeg. Zij gebruiken geen duizenden hectaren akkerland voor biobrandstof en laten geen regenwoud kappen voor het telen van soja voor de intensieve veehouderij.
Dat doen wij. En de nieuwe rijken in Azië in Zuid-Amerika.
Nieuwe  baby’s in Afrika onder de Sahara zijn alleen hun eigen volk tot last.
Nieuwe baby’s in het rijke Westen en Oosten dragen bij aan verdere opwarming en verloedering  van de aarde. Voor de derde wereld zijn ze in feite een milieudelict.

Wat heeft Klijnsma’s moestuinvoorstel met palmolie te maken?
Staatssecretaris Klijnsma stelt voor om ouderen te laten tuinieren voor hun levensonderhoud. Dat voorstel viel niet in goede aarde, want het raakte onze pensioenvoorziening: geld waarvoor iedere werknemer heeft gespaard, waarop hij heeft gerekend en dat hem nu voor een deel door de neus dreigt te worden geboord. Als een verantwoordelijke bewindsvrouw zegt dat mensen hun pensioentekort maar door de opbrengst van een moestuintje moeten compenseren, jaagt ze iedereen de gordijnen in.

Het moestuinvoorstel van Klijnsma weerspiegelt een diepere waarheid. Voedsel is voor mens en dier van levensbelang. Zonder voedsel is er geen leven. Een moestuin levert voedsel aan zijn telers. In de moderne westerse samenleving hebben we de voedselvoorziening echter anders aangepakt. Hier zorgt slechts 2 à 3 procent van de bevolking voor landbouw- en veeteeltproducten. De overige 97% leeft ervan. Natuurlijk, ze doen er iets voor terug, ze zijn bijvoorbeeld vrachtwagenchauffeur, winkelbediende, verpleegster, leraar, politieagent of advocaat. Maar in feite leven ze van het voedsel dat door anderen wordt geproduceerd.

Zoals we in het Westen met zijn allen teren op onze boeren, teren we ook op de rest van de wereld. Door onze vraag naar soja voor de zuivel- en vleesproductie eten we langzaam de natuur van Zuid-Amerika op. Zie het artikel Houd u van in boter gebakken biefstuk?
Sinds het begin van de eeuw hebben een half miljoen Cambodjaanse boeren plaats moeten maken voor suikerplantages om het Westen goedkoop frisdranken, snoep en ijs te laten produceren. Zie het artikel Landjepik.

Palmolie zit niet alleen in de benzinetank, maar ook in 60% van de producten op de schappen van de supermarkt: in pakjes soep, margarine, koekjes, shampoo, bodycrème, cosmetica, aanmaaksausjes en schepijs. Het eind van de ongebreidelde kap van het regenwoud in Maleisië en Indonesië voor de winning van palmolie is nog lang niet in zicht. Door de groei van de wereldbevolking en de stijgende welvaart in opkomende landen als China en India zal de vraag alleen maar toenemen. Het enige wat tegen de gigantische milieuschade helpt, is afremmen van de vraag.

Dat kan alleen door vermindering van het aantal consumenten. Afzien van de import van soja, suiker en palmolie, terug naar de eigen landbouwgronden, weides en moestuinen. Ik citeer enkele kwade reacties op het voorstel van Klijnsma: Dus een eigen moestuin? Hoe moet dat, als ik op een flatje zit? Als alle ouderen er een moestuin op na zouden moeten houden dan mogen er voor de benodigde ruimte best een aantal aandachtswijken gesloopt worden. Of dacht u soms aan mega-moestuincomplexen bijvoorbeeld op de etages van leegstaande bedrijfspanden?
Op zich geen dwaze reacties op het voorstel van de staatssecretaris. Met minder mensen meer zelfvoorzienend worden.

De bevroren belofte
Van Jeroen Schrama verscheen de ‘ecothriller’ De bevroren belofte. De auteur, betrokken bij de gemeenteraadsfractie van de Partij voor de Dieren in Leiden, wil dat mensen duurzamer worden en hun voedsel steeds meer uit de buurt halen waaronder uit wijkmoestuinen, zie het vorige artikel.
In het boek wordt een beeld van de wereld geschetst zoals die er in de nabije toekomst uit zou kunnen zien. Vriendelijker, rustiger en vooral een stuk duurzamer. Onder het schone oppervlak rust echter een groot trauma. Een trauma waarvoor de hoofdpersoon tot zijn eigen ontsteltenis door sommigen verantwoordelijk wordt gehouden. Op de vlucht voor zijn achtervolgers is het niet alleen de vraag of hij het overleeft, maar ook of hij wel wil overleven [Uitgeverij Aspekt, ISBN: 9789461534699, 242 pagina's, €18.95].

Overbevolking wederom centraal thema in Amerikaanse thriller
Ruim een jaar geleden verscheen Dan Browns roman Inferno waarin de maniakale geleerde Bertrand Zobrist een eind wil maken aan de bevolkingsgroei op aarde door het verspreiden van een virus dat onvruchtbaar maakt. Een soortgelijke figuur treedt op in de nieuwe thriller Patriarch Run van Benjamin Dancer (foto). Jack Erikson beschikt over een computervirus dat de hele elektronische infrastructuur van de Verenigde Staten kan lamleggen. Gevolg: lege winkels in drie dagen tijd. Twee honderd miljoen mensen sterven binnen het jaar van de honger. Beter dit geringe offer dan dat de uit de pan rijzende mensheid door onbeheersbare catastrofes in haar geheel wordt geëlimineerd, zo redeneert Jack.
Bertrand Zobrist en Jack Erikson zijn beide extreme personages die een misdaad tegen de menselijkheid willen plegen om de mensheid te redden. Beide romans laten de duivelse dilemma’s zien waarvoor we komen te staan als we niet bijtijds iets ondernemen tegen overbevolking en overconsumptie. Die dilemma’s zijn zo groot dat onze politici en de wereldleiders ervoor terugdeinzen. Ze kijken liever de andere kant op en blijven liever opzettelijk blind. Zie de inleiding op deze nieuwsbrief.


CVTM Artikelen Nieuws Video's Foto's Over ons Uw donatie Aanmelden Adres
(doorsturen)