Copy
Ceifer Nieuwsbrief
Bekijk deze e-mail in uw browser

Fiscaal

Rumoer rondom bijheffing


De Belastingdienst lag de afgelopen weken weer eens onder vuur. Omdat de afbouw van de inkomensafhankelijke heffingskortingen niet op tijd in de loonbelastingtabellen voor 2014 en in het systeem van de voorlopige aanslag 2014 verwerkt konden worden, moeten naar schatting maar liefst zes miljoen belastingbetalers volgend jaar meer belasting betalen dan ze hadden gedacht. Het exacte bedrag verschilt per geval, maar het kan gaan om enkele tientjes tot honderden euro's.

Pers en politiek stookten het vuurtje hoog op, maar staatssecretaris Wiebes gaf geen krimp. Best irritant en buitengewoon vervelend allemaal, aldus Wiebes, maar we moeten ook weer niet overdrijven. Er bestaat ook geen enkel verband tussen deze bijbetaling en de beruchte naheffing uit Brussel van € 642 miljoen. En het is ook niet de fout van de fiscus, aldus de staatssecretaris in antwoord op Kamervragen. Wel van de Tweede Kamer zelf met haar onbedwingbare neiging om op het laatste moment met ingewikkelde politieke compromissen te komen zal hij gedacht hebben, maar dat zei hij wijselijk niet. Want in fiscaal opzicht is de politiek hardleers.

Aan de Tweede Kamer is toegezegd dat belastingplichtigen vier maanden extra de tijd krijgen om de naheffing te betalen. Die extra vier maanden komen bovenop de gebruikelijke betalingstermijn van zes weken. Daardoor zal volgend jaar pas na een periode van 5,5 maand rente in rekening gebracht worden.

Busje komt zo


Auto’s en belastingen: het is en blijft een explosief mengsel. Dat zal dan ook de reden zijn dat staatssecretaris Wiebes hier nog eens heel goed over wil nadenken voordat hij op dit terrein nieuw beleid gaat voeren. Wiebes heeft dan ook laten weten dat hij de aangekondigde Autobrief 2.0. niet – zoals eerder toegezegd – nog dit jaar aan de Kamer zal aanbieden. Naar verwachting zal dit nu pas medio 2015 gaan gebeuren.

Hierdoor ontstaat een jaar vertraging, wat volgens de Staatssecretaris wetswijzigingen noodzakelijk maakt voor het tussenjaar 2016. Zo zouden zonder nieuwe maatregelen fiscale faciliteiten voor elektrische voertuigen en zeer zuinige auto’s in 2016 komen te vervallen. Na wat fiscale schermutselingen heeft de staatssecretaris een alternatief autobelastingplan 2016 van een ‘brede coalitie’ (VNA, BOVAG, RAI Vereniging, ANWB, VNO-NCW, MKB Nederland, Natuur & Milieu en Milieudefensie) overgenomen. Dit plan voorziet in vier bijtellingscategorieën. Een overzicht:
  • Volledig elektrische auto’s blijven vrijgesteld van MRB en behouden 4 procent fiscale bijtelling;
  • Plug-in hybrides (1-50 gram CO2) vallen in het halftarief voor de MRB en krijgen 15 procent fiscale bijtelling;
  • Auto’s met 51 t/m 106 gr/km CO2 vallen in de nieuwe categorie van 21 procent bijtelling;
  • Overige auto’s vallen in de 25 procent-categorie.
Leasecontracten die voor 2016 zijn afgesloten blijven vijf jaar onder de huidige tarieven vallen. Om het financieel dekkend te krijgen wordt de belasting op nieuw aan te schaffen auto's (BPM) voor enkele meer vervuilende categorieën verhoogd. De staatssecretaris is enthousiast over het voorstel omdat het financieel dekkend is voor de schatkist en tegemoet komt aan milieueisen.

PvdA draait DGA duimschroeven aan


Slecht nieuws voor de DGA. Zowel in de al langer bekende plannen van de Commissie Van Dijkhuizen als ook in recente voorstellen van de PvdA zit hij of zij in de hoek waar de klappen vallen. Met name is het de PvdA een doorn in het oog dat veel bv-directeuren er in slagen om door middel van constructies belastingheffing tot (citaat) ‘Sint Juttemis’ uit te stellen. Bovendien kunnen ze vertrekken naar het buitenland. Na een tienjarig verblijf in het buitenland (toch bepaald geen kleinigheid) zouden ze van alle Nederlandse belastingplichten zijn bevrijd. Op dit moment zou van de 450.000 Nederlandse DGA’s maar zo’n 5% belasting betalen in box 2. Verder vermoedt de PvdA fraude. Men heeft daarom een motie ingediend waarin gevraagd wordt om de Belastingdienst meer tijd en aandacht te laten besteden aan de DGA.

Dat veel DGA’s geen dividend kunnen uitkeren omdat in hun BV een in eigen beheer gehouden pensioen fors onder water staat is een feit. En dat er ook nog gereserveerd en geïnvesteerd moet kunnen worden, verhindert een ruimhartig dividendbeleid eveneens.

Voorlopige aanslag 2015


De Belastingdienst heeft laten weten dat het vanaf 21 november 2014 mogelijk is om digitaal een voorlopige aanslag over 2015 aan te vragen. Vanaf die datum kan een voorlopige aanslag ook gewijzigd of zelfs stopgezet worden. Ook vanaf 21 november kunt u op de site van de Belastingdienst meer informatie over de voorlopige aanslag 2015 terugvinden.

Pensioen


Een lage rente en niet op tijd doodgaan. Een giftige cocktail, die overheid en pensioenfondsen in grote moeilijkheden heeft gebracht. De regering heeft een groot aantal maatregelen getroffen die uw onbezorgde oudedag in ieder geval behoorlijk uitstelt en ook wat minder royaal zal laten zijn. Zo is in 2014 de maximale pensioenopbouw (fiscaal) beperkt in verband met de verhoging van de AOW-leeftijd en de pensioenleeftijd (richtleeftijd). Per 1 januari 2015 komen daar een aantal maatregelen bij. Zo zal per 1 januari 2015 de ruimte voor pensioenopbouw verder worden beperkt. Uitgangspunt daarbij is dat werknemers in 40 jaar een ouderdomspensioen kunnen opbouwen van maximaal 75% van hun gemiddelde loon. De opbouwpercentages worden zowel voor middelloonregelingen als voor eindloonregelingen verlaagd van 2,15% (2014) naar 1,875% (2015) resp. van 1,9% (2014) naar 1,657% (2015). Ook de opbouwpercentages voor partner- en wezenpensioen worden evenredig verlaagd.

Verder wordt de maximale hoogte van het pensioengevend loon afgetopt. Het pensioengevend loon wordt vanaf 1 januari 2015 begrensd op maximaal € 100.000. Wie meer pensioen wil, kan voor dit meerdere kiezen voor een nettopensioen of een nettolijfrente Hiervoor zijn de premies niet aftrekbaar (ze dienen dus uit het netto-inkomen te worden betaald). Daar staat tegenover dat de bijbehorende uitkeringen onbelast zijn. De waarde van de nettolijfrente of het nettopensioen behoort niet tot het belaste vermogen in box 3. Overigens geldt de grens van € 100.000 niet voor een arbeidsongeschiktheidspensioen.

De Belastingdienst heeft al laten weten dat u vóór 1 januari 2015 de pensioenregeling van uw werknemers moet hebben aangepast. Tot die datum kunt u een aangepaste regeling ter goedkeuring aan de Belastingdienst voorleggen. Mocht dat nodig zijn dan kan de regeling in dat geval (desnoods met terugwerkende kracht tot 1 januari 2015) worden aangepast.

De overheid hoopt met deze maatregelen vele miljarden te besparen. Dat zal alleen maar lukken als door de verlaagde opbouwpercentages ook de premies omlaag zullen gaan. En dat laatste is nog lang niet zeker. 

Gebruikelijk loon: niet alle afspraken per 2015 opgezegd


De gebruikelijk loon regeling, op grond waarvan een DGA uit ‘zijn’ BV een zakelijk salaris dient op te nemen, wordt per 2015 aangescherpt. Daarom is in het Belastingplan 2015 aangegeven dat alle afspraken met inhoudingsplichtigen over de hoogte van het toe te passen loon voor DGA’s per 1 januari 2015 zullen worden opgezegd. Van dat voornemen is men bij nader inzien teruggekomen. Afspraken waarbij een gebruikelijk loon gelijk aan of lager dan het standaardbedrag zijn afgesproken, worden niet collectief opgezegd. Dit blijkt uit de nota naar aanleiding van verslag Belastingplan 2015. De overige afspraken worden wel opgezegd. Voor afspraken die worden opgezegd mag de inhoudingsplichtige deze afspraak blijven toepassen mits het afgesproken loon wordt verhoogd tot 75/70e van het loon in 2014 en de feiten en omstandigheden gelijk blijven. Een nieuwe afspraak is pas nodig wanneer de inspecteur of de inhoudingsplichtige contact opneemt voor het maken van een nieuwe afspraak of wanneer de geldigheidsduur van de oorspronkelijke afspraak verlopen is. 

Twijfel over houdbaarheid aangescherpte 30%-regeling 


Buitenlanders die in Nederland werken, moeten volgens de huidige regels minstens 150 kilometer van de grens wonen. Woont men dichterbij, dan komt men enkel daarom niet in aanmerking voor de bekende 30%-regeling in de inkomstenbelasting, ook wel bekend als de expatkorting. Wie dichterbij dan 150 kilometer van de grens woont, kan volgens de wetgever wel pendelen. En wie ’s avonds fijn thuis is, heeft aanspraak op noch behoefte aan die 30%-regeling, aldus de fiscus.

Direct bij deze aanscherping van de 30%-regel bestonden al twijfels over de Europeesrechtelijke houdbaarheid er van. Die twijfels zijn mogelijk terecht. De advocaat-generaal van het Europese Hof heeft in een recente conclusie gesteld dat de huidige regeling te grof is. De regel zou enkel in zijn huidige vorm mogen gelden als ze overeenstemt met de feitelijke situatie van de overgrote meerderheid van de betreffende gevallen. Deze groep maakt immers niet de ’extraterritoriale kosten’ waarvoor de 30%-regeling bedoeld is. Het wachten is nu op de beslissing van het Luxemburgse Hof, dat in veel gevallen echter het advies van de AG volgt.

Als u mogelijk een beroep kunt doen op een voor u gunstige beslissing van de Europese rechter, zorg er dan in ieder geval voor dat belastingaanslagen niet onherroepelijk komen vast te staan. Dat kunt u doen door tijdig bezwaar te maken en om uitstel van motivering te verzoeken tot de rechter in deze zaak heeft beslist.

Betekenis financieringsrente


Door steeds meer belastingplichtigen wordt de bron ‘winst uit onderneming’ opgezocht. Daar zijn verschillende redenen voor. Door de vele fiscale faciliteiten in de inkomstenbelasting is de fiscale druk op ondernemers veel lager dan voor de resultaatgenieter en de (vermogende) particulier. En voor de vermogende particulier die zijn box 3 vermogen weet om te zetten in ondernemingsvermogen gloort verder de bedrijfsopvolgingsfaciliteit (BOF).

Maar wil sprake zijn van een onderneming, dan zal aan het bronvereiste moeten worden voldaan. En daarbij speelt dan onder meer de vraag of er binnen een redelijke periode op winst kan en mag worden gerekend. Daarbij is het van groot belang dat de Hoge Raad recent heeft geoordeeld dat voor de beantwoording van de vraag of er sprake is van een onderneming rekening gehouden moet worden met de rente op zakelijke leningen. Die rente beïnvloedt immers het resultaat en daarmee de vraag of winst kan en mag worden verwacht.

Het met eigen middelen runnen van een activiteit brengt het ondernemerschap daarom eerder dichterbij dan lenen voor uw zakelijke activiteiten. Helaas is dat niet voor iedereen weggelegd.

Werkkostenregeling


Nog maar een paar nachtjes slapen en dan is het eindelijk zover: de werkkostenregeling (WKR) zal gaan gelden voor alle hardwerkende Nederlanders. Op enkele onderdelen daarvan is door staatssecretaris Wiebes onlangs meer duidelijkheid gegeven. En omdat de WKR iedere werknemer direct in de portemonnee raakt, is iedere uitspraak weer goed voor grote krantenkoppen. Een kleine selectie, met daarbij de opmerking dat het geen enkel probleem zou zijn om deze hele Nieuwsbrief over dit ene onderwerp vol te schrijven!

Aangegeven is dat tariefarbitrage bestreden zal gaan worden. Bij tariefarbitrage in de WKR wordt belasting bespaard doordat de 80% eindheffing die werkgevers moeten betalen als een te hoge vergoeding wordt uitbetaald nog steeds minder is dan het gebruteerde tabeltarief van de eindheffing in de loonbelasting. Dat tarief kan oplopen tot maar liefst 108,3%. Aangegeven is nu dat loonbestanddelen die in de vrije ruimte van de WKR worden ondergebracht niet ongebruikelijk mogen zijn. Daarvan is sprake als de gehele vrije ruimte (de bekende 1,2% van de totale loonsom van een werkgever) die aan het eind van het jaar over is, wordt gebruikt voor één werknemer. Ook het onderbrengen van de vakantiebijslag of een bonus in de vrije ruimte is volgens de staatssecretaris ongebruikelijk. De staatssecretaris heeft al laten weten dat de gebruikelijkheidstoets zo nodig aangescherpt zal worden.

Ook een aparte vrijstelling voor de fiets van de zaak blijft de gemoederen beroeren. Zoals de zaken nu liggen, zal er geen aparte vrijstelling komen voor de fiets van de zaak. De lobby op dit punt lijkt mislukt. Volgens de staatssecretaris zijn er binnen de WKR voldoende mogelijkheden om binnen de vrije ruimte onbelast een fiets van de zaak aan werknemers te verstrekken.

Ook gevoelig ligt de parkeerplaats op de werkplek. Als de parkeerplaats op het bedrijfsterrein ligt, mag de werkgever deze onbelast aan de werknemer ter beschikking stellen. Maar een gehuurde parkeerplaats op een parkeerterrein of in een parkeergarage (die niet van de werkgever is) kan weer niet onbelast worden gebruikt. Dat geldt weer niet voor de berijders van leaseauto’s, die zo’n parkeerplek juist weer wel onbelast mogen gebruiken.

Er zijn verder nog vragen beantwoord over onder meer de werkplek, de lunch in kantine, de borrel (‘alcoholische versnapering’) op de werkplek en de waardering op nihil van rentekortingen voor de werknemer. De waardering van dit voordeel zal aangepast worden in de Fiscale verzamelwet 2015.

Versoepeling schenkingsregels rondom eigen woning


Nu de zeer populaire maar tijdelijke belastingvrije jubelschenking van maximaal € 100.000 voor de eigen woning haar einde nadert (en niet verlengd zal worden, zo heeft men uitdrukkelijk laten weten) beginnen sommige mensen wat zenuwachtig te worden. Hoe kan men nog wat langer van de regeling gebruik maken? Voor sommigen van hen is er goed nieuws. Wie in 2014 een eigen woning in aanbouw heeft, kan ook in 2015 nog gebruikmaken van de tijdelijke verruiming van de schenkingsvrijstelling. Voorwaarde hierbij is wel dat men in 2014 minimaal de eerste termijn van het aankoopbedrag voor de nieuwbouwwoning heeft voldaan. Vervolgens mag men het in 2014 belastingvrij ontvangen bedrag gebruiken om de in 2015 vervallende termijnen te voldoen. Wel moet u – maar die voorwaarde klinkt logisch – in 2014 al eigenaar zijn van de woning.

Wordt de schenking gebruikt voor de aankoop van een bestaande woning of voor de aflossing van de hypotheek dan moet het bedrag voor 1 januari 2015 zijn overgemaakt aan de bank (of andere) hypotheekverstrekker. Stel de schenking dus niet tot het laatste moment – Kerstmis bijvoorbeeld – uit. De begiftigde moet nog wat tijd resteren om de schenking te gebruiken.

Belastingdienst gaat voor half miljard het schip in


Ze waren lang populair: scheepvaart-cv’s. Maar volgens krantenberichten dreigt de Belastingdienst hier nu voor zeker een half miljard euro het schip mee in te gaan. De inmiddels aangepaste scheepvaartfaciliteit zou zo ruim geweest zijn dat investeerders tijdelijk meer geld van de fiscus terugkregen dan ze inlegden. Investeerders mochten ingelegde bedragen versneld afschrijven. Na afloop van die periode konden de schepen onder het bekende tonnageregime gebracht worden.

Aanvankelijk wilde de Belastingdienst niet op de berichten in de pers reageren. Inmiddels heeft staatssecretaris Wiebes weersproken dat zich voor de fiscus een grote strop heeft voorgedaan. Hij liet verder weten dat de Belastingdienst risicogericht toezicht houdt en dat correcties zullen worden opgelegd als sprake is van een onjuiste rechtstoepassing. 

Zesmaandsfictie en vergrijpboete


In de strijd tegen zwartwerken is op 1 juli 2006 de eerstedagsmelding (EDM) in werking getreden. Nieuwe werknemers moeten uiterlijk op de eerste dag van hun dienstverband bij de Belastingdienst worden aangemeld. Als de Belastingdienst bij een controle een niet-gemelde arbeidskracht betrapt, wordt deze persoon geacht al in de zes maanden vóór de ontdekking in dienstbetrekking te zijn bij die werkgever. Dat zal in de regel tot hoge naheffingen leiden. De fictie alleen is echter onvoldoende bewijs voor het opleggen van een vergrijpboete, aldus de Hoge Raad. Daar is meer voor nodig. Om een boete te kunnen opleggen moet eerst met voldoende mate van zekerheid worden vastgesteld dat:
  • de werkgever gedurende de zes maanden vóór het bedrijfsbezoek loon moest betalen aan de werknemer;
  • de werkgever de daarover verschuldigde loonheffing niet heeft voldaan op de aangiften over de desbetreffende tijdvakken; en
  • het te weinig betalen van loonheffing te wijten is aan grove schuld of opzet van de werkgever.
De zaak werd door de Hoge Raad verwezen. Verder besliste de Hoge Raad dat de boete moest worden verminderd vanwege een overschrijding van de redelijke termijn. Mocht u tegen de zesmaandsfictie aanlopen, dan weet u nu in ieder geval hoe er verweer gevoerd moet worden! 

Intrekking ANBI-status: geen onbeperkte terugwerkende kracht


Voor goede doelen is het verkrijgen of behouden van de bekende ANBI-status van groot belang. Verlies van die status is dan ook een kleine ramp. Wel is het zo, zo besliste Hof Den Haag onlangs, dat een instelling mag vertrouwen op een eerder afgegeven ANBI-beschikking. In deze zaak verkreeg een stichting in 2008 de ANBI-status die zij echter na controles in oktober 2010 en maart 2011, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2008 verloor. In de tussentijd had de stichting een erfenis ontvangen van twee miljoen euro. Door het statusverlies met terugwerkende kracht moest hierover alsnog (naar het hoogste tarief!) successierecht worden betaald. De stichting mocht er volgens het Hof op vertrouwen dat de inspecteur bij het verlenen van de ANBI-status een weloverwogen standpunt had ingenomen. Dat de inspecteur het dossier van de stichting niet had ingezien diende voor rekening van de inspecteur te komen. Verder was niet gebleken dat de ANBI-status was aangevraagd in de wetenschap dat men niet aan de wettelijke eisen voldeed. De intrekking van de beschikking mocht daarom niet eerder plaatsvinden dan op 1 januari 2010. Daarmee was de erfenis fiscaal bezien gered!

Aan de verkrijging van de ANBI-status mag dus een zeker vertrouwen worden ontleend naar de toekomst toe. Voorwaarde is wel dat men bij de aanvraag te goeder trouw is en niet willens en wetens een kansloze aanvraag doet.

Naheffingen afdrachtvermindering onderwijs


De afdrachtvermindering onderwijs is met ingang van 1 januari 2014 afgeschaft om te worden vervangen door een nieuwe regeling: de Subsidieregeling Praktijkleren. De Belastingdienst controleert echter nog steeds of de oude afdrachtvermindering sinds 2008 wel goed is toegepast. En wat blijkt? Het is lang niet altijd goed gegaan. Inmiddels is in alle relevante sectoren een bedrag van maar liefst 70 miljoen euro aan naheffingsaanslagen opgelegd en zit er nog een bedrag van ongeveer 80 miljoen euro in de pijplijn. Vooral de transportsector, de zorgsector, de uitzendbranche en de bouwsector worden zwaar getroffen.

De Belastingdienst controleert in het bijzonder of voldaan is aan formele vereisten, zoals de aanwezigheid van een rechtsgeldige praktijkovereenkomst. Wie door de naheffing in financiële problemen komt kan binnen de grenzen van het gebruikelijke invorderingsbeleid van de Belastingdienst een betalingsregeling krijgen, aldus Minister Bussemaker (OCW) in antwoord op Kamervragen.

Ik wraak u!


Het is een paardenmiddel, maar het gebeurt in de Nederlandse procespraktijk steeds vaker: wraking. Het succes dat (toen nog) advocaat mr. Bram Moszkowicz hiermee in het proces tegen Geert Wilders behaalde zal hier ongetwijfeld aan hebben bijgedragen. Ook in fiscale zaken kan – en wordt – gewraakt, meestal door de belastingplichtige, soms ook door de Belastingdienst. In het kort komt het er op neer dat bij wraking verzocht wordt een behandeld rechter (of zelfs een hele Kamer) van een zaak te verwijderen omdat deze rechter partijdig zou zijn of in ieder geval de schijn van partijdigheid heeft gewekt.

Wraking (of deze nu succesvol is of niet) veroorzaakt in de meeste gevallen een behoorlijke vertraging. Dat zou van invloed kunnen zijn op de hoogte van de schadevergoeding voor immateriële schade die een belastingplichtige kan krijgen als zijn procedure (afgezien van bijzondere omstandigheden) veel te lang heeft geduurd. Het is daarom opmerkelijk te noemen dat de Hoge Raad heeft beslist dat wraking geen bijzondere omstandigheid is, op grond waarvan de hiervoor bedoelde redelijke termijn voor een proces verlengd kan worden. Een belastingplichtige kan dus gewoon aanspraak maken op de hem wegens overschrijding van de redelijke termijn toekomende schadevergoeding, als hij zelf voor die vertraging heeft gezorgd door het indienen van één of meer wrakingsverzoeken.

Al weer een goede reden om in de rechtszaal de zware woorden ‘Ik wraak u!’ te spreken. Maar of het nu verstandig is? De meeste wrakingsverzoeken worden afgewezen en u moet dan wel verder met de eerder door u gewraakte rechter.

Overig Nieuws

Gratis inschrijven verklaring van erfrecht in openbare registers


Na iemands overlijden wordt in Nederland door de notaris vaak een verklaring van erfrecht opgesteld. Met deze verklaring kan een erfgenaam aantonen bevoegd te zijn om over de nalatenschap te beschikken. Wanneer tot de bezittingen van de erflater ook onroerend goed behoort kan het verstandig zijn om de verklaring van erfrecht door de notaris in te laten schrijven in de openbare registers van het Kadaster. De inschrijving heeft onder meer als voordeel dat als de erven het geërfde onroerend goed willen verkopen er geen verder erfgenamenonderzoek meer nodig is. Dat bespaart geld en (vooral) tijd!

Met ingang van 1 januari 2015 zullen geen kosten meer in rekening worden gebracht voor het inschrijven van een verklaring van erfrecht in het Kadaster. Om het geld hoeft u het dus niet te laten!

HEMA-testament is oké


Ik roep HEMA! En wat is uw antwoord? Rookworst, tompouce of ondergoed? Ik reken het allemaal goed, maar ik bedoelde natuurlijk testamenten. Sinds oktober 2013 verkoopt HEMA – uiteraard door tussenkomst van een echte notaris – ook testamenten. Daar kwam gedonder van omdat volgens de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) niet duidelijk zou zijn of voldaan werd aan alle wettelijke vereisten. De KNB legde de kwestie dan ook voor aan de notariële tuchtrechter, de Kamer voor het Notariaat. Die Kamer heeft de ingediende klachten echter ongegrond verklaard. Wel is beslist dat de klantgegevens niet op HEMA-servers bewaard mogen worden. Ze moeten op een aparte server van de aangesloten notarissen worden bewaard. Maar dat lijkt een detail.

Verder moet de HEMA vermelden dat ook voor haar testamenten geldt: ‘Niet goed, geld terug’. Maar dat was voor rookworst, tompouce of ondergoed natuurlijk altijd al het geval!

Extra vergoeding voor milieuvriendelijke total loss


De eisen die de fiscus aan milieuvriendelijke auto’s (met een lage bijtelling!) stelt worden voortdurend strenger. Steeds wordt de lat een beetje hoger gelegd. Maar in bijna alle gevallen gaat een wijziging gepaard met een soepel overgangsregime. Als uw auto na een wetswijziging niet meer aan de aangescherpte voorwaarden voldoet kunt u (maximaal nog 60 maanden) blijven profiteren van de gunstige vroegere bijtellingsregeling. Maar als uw auto total loss wordt gereden bent u dat overgangsregime mooi kwijt. Uw nieuwe auto valt immers onder de nieuwe regels en niet meer onder het overgangsregime. Kunt u die schade – bovenop alle andere schade natuurlijk – nu verhalen op degene die de aanrijding veroorzaakte? In een onlangs berecht geval kreeg een leaserijder na een total loss een nieuwe Mitsubishi Outlander. Zijn oude model kende een bijtelling van 0%, zijn vervangende nieuwe model had een bijtelling van jaarlijks 7%. Dat kostte hem ongeveer € 250 per maand, wat over de totale looptijd van het leasecontract een schadepost opleverde van bijna € 14.500. Deze schade wilde hij vergoed hebben en de Rechtbank Amsterdam wees die eis toe. Er was, aldus de rechtbank, voldoende causaal verband tussen de aanrijding en de daardoor geleden (vermogens)schade.

Verleen in geval van twijfel dus altijd voorrang aan milieuvriendelijke auto’s! 

Het geld ligt op straat


Volgens een recent onderzoek laten werkgevers voor enorme bedragen aan vergoedingen schieten. Het gaat hierbij om twee verschillende regelingen. De eerste regeling betreft het zwangerschaps- en bevallingsverlof. Zwangere medewerksters dienen tijdens hun verlof doorbetaald te worden. De werkgever kan deze loonkosten echter op grond van de Wet op arbeid en zorg (WAZO) bij het UWV declareren. Maar liefst één op de tien werkgevers (!) laat na dit te doen. Het mag duidelijk zijn dat dit in de papieren loopt bij een uitkering die gemiddeld 80 dagen duurt!

Nog onbekender is de regeling op grond waarvan de werkgever van een medewerkster die ten gevolge van haar zwangerschap ziek wordt de loonkosten hiervan bij het UWV kan declareren, een en ander op grond van art 29a Ziektewet. Maar liefst drie op de tien werkgevers laten na dit te doen. Bij een gemiddeld verzuimpercentage van zwangere werkneemsters van 55 procent met een gemiddelde verzuimduur van 60 dagen gaat ook dit om groot geld.

Betere stroomlijning aannamebeleid gehandicapten


Het is één van de kroonjuwelen van staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken; het creëren van 100.000 banen voor arbeidsbeperkten. Werkgevers hebben altijd gezegd zich bewust te zijn van hun maatschappelijke verantwoordelijkheid, maar zien op tegen de administratieve rompslomp rondom het aannemen en in dienst houden van mensen met een handicap. Het zou dan ook wel eens een grote stap voorwaarts kunnen zijn dat werkgevers die vanaf 2015 werknemers met een arbeidsbeperking in dienst nemen een eenduidig pakket aan ondersteuning zullen krijgen. Hierdoor hoeven werkgevers niet langer zelf uit te zoeken of een nieuwe werknemer door de Participatiewet van de gemeente of door het UWV wordt ondersteund. Dat maakt het veel makkelijker om een werknemer met een handicap in dienst te nemen.
Copyright © 2015 216 Ceifer Accountants en Belastingadviseurs, alle rechten voorbehouden.